Deutsch   English   Français   Nederlands   Español   Polski

facebook-Button

JHWH in hebräischen Buchstaben

1 Introductie

watchman"Op mijn wachtpost
wil ik blijven staan"

(Habakuk 2:1)

Dit artikel is geschreven vooruitlopend op de vraag die veel lezers die goed bekend zijn met Jehovah's Getuigen waarschijnlijk zullen stellen:

Waarom één van Jehovah's Getuigen een website* zou starten die gewijd is het bediscussiëren van Bijbelse profetieën?

(*Dit is die website op Nederlands: e-watchman.com)

Het is ten slotte zo dat de Wachttoren de gemeenten heeft geïnstrueerd dat Getuigen het internet niet moeten gebruiken om de Bijbel te bediscussiëren, dat de Wachttoren zijn eigen website heeft, en dat geen enkele getrouwe broeder het daarom op zich zou moeten nemen op eigen houtje zaken te presenteren op het internet.

Verder wordt er onder alle leden van de Christelijke gemeente algemeen geaccepteerd dat de Wachttoren, voor alle Jehovah's Getuigen wereldwijd, het enige kanaal is voor geestelijke instructies. Als gevolg hiervan zou op elk concurrerend geluid geen acht geslagen moeten worden uit loyaliteit voor de geaccepteerde regeling. En ter ondersteuning waarschuwt de Schrift zelf: "Er zijn vele valse profeten tot de wereld uitgegaan." (1 Johannes 4:1)

Dus, waarom zou een gewoonlijk getrouwe, langdurige Christen de leiding van de Wachttoren in deze trotseren? Hopelijk zal het antwoord op die vraag in dit en volgende artikelen duidelijk worden voor de lezer.

In Bijbelse tijden van ommuurde steden hadden wachters een vitale functie als personen waaraan de toewijzing was gegeven op de uitkijk te blijven voor enig teken van naderende legers, bendes plunderaars, de terugkeer van hun eigen heerser en zijn mannen vanaf een slagveld, of soortgelijke gebeurtenissen. Aan de positie van wachters werd in verband met de levens van medeburgers zo'n belangrijke verantwoordelijkheid toegekend, dat iemand ter dood kon worden gebracht wanneer hij nalatig werd bevonden in de uitoefening van zijn taken. Diezelfde analogie voortzettend heeft Jehovah geestelijke wachters aangesteld die van Hem de opdracht hebben gekregen zijn komende veroordelingen aan te kondigen.

Jesaja schreef bijvoorbeeld:

"Want dit heeft Jehovah tot mij gezegd: "Ga, stel een uitkijkpost op, opdat hij moge melden wat hij precies ziet." En hij zag een strijdwagen met een span rijpaarden, een strijdwagen met ezels, een strijdwagen met kamelen. En hij schonk nauwlettend aandacht, met grote opmerkzaamheid. Voorts riep hij uit als een leeuw: "Op de wachttoren, o Jehovah, sta ik onafgebroken bij dag, en op mijn wachtpost heb ik mij gesteld alle nachten..."" (Jesaja 21:6-8)

Habakuk, een andere profetische wachter uit oude tijden, legt zijn taak als volgt uit:

"Op mijn wachtpost wil ik blijven staan, en ik wil geposteerd blijven op het bolwerk; en ik zal wacht houden, om te zien wat hij door mij zal spreken en wat ik op mijn terechtwijzing zal antwoorden." (Habakuk 2:1)

Belangrijk is dat de wachter uitroept wat hij ziet, niet enkel wat hij verwacht te zien, en zeker niet wat hem door anderen is verteld wat hij zal zien. Een getrouwe wachter kan anderen niet enkel vertellen wat ze willen horen. De ware wachter moet de moed bezitten de brenger van slecht nieuws te zijn wanneer zijn taak dat vereist.

Aan de andere kant beschrijft Jehovah de nalatige wachter met de volgende woorden:

"Zijn wachters zijn blind. Geen van hen heeft nota genomen. Zij allen zijn stomme honden; zij kunnen niet blaffen, zij hijgen, liggen neer, hebben het sluimeren lief." (Jesaja 56:10)

Stelt u zich eens een waakhond voor die niet kan blaffen wanneer dieven komen inbreken! Dat is hoe Jehovah degenen beziet die in een verantwoordelijke positie zijn als wachters, maar uiteindelijk hun verantwoordelijkheden niet juist behartigen. Als gevolg van onze minder-dan-volmaakte menselijke conditie en het feit dat de wereld bestuurd wordt door machtige, slechte demonen die als doel hebben ons te misleiden, is geestelijke blindheid iets waar we bijna overweldigend gevoelig voor zijn. Het meest verontrustende is dat een persoon die blind is meestal de laatste is die dat doorheeft. Het foutloze Bijbelse verslag laat zien dat Gods volk uit de oudheid, zowel de Joden als de Christenen, zichzelf vaak inbeelden dat ze volledig geestelijk verlicht waren; toch waren ze vanuit Jehovah's standpunt bezien blind.

In Jezus' brief aan de gemeente te Laodicea, welke in werkelijkheid gericht is tot de gezalfden die leven gedurende een veel latere periode, "de dag des Heren" genaamd, verwijt hij hen dat ze geestelijk blind zijn. Openbaring 3:17 zegt:

"Omdat gij zegt: "Ik ben rijk en heb rijkdom verworven en heb in het geheel niets nodig", maar gij niet weet dat gij ellendig en beklagenswaardig en arm en blind en naakt zijt."

Daar Jezus al zijn gezalfde volgelingen opdroeg op de uitkijk te blijven voor de terugkeer van de meester, wist hij klaarblijkelijk dat sommige gezalfde Christenen langzamerhand geestelijk in een diepe slaap gesust zouden worden en zouden falen in het op wacht blijven staan. Velen zouden blijkbaar voldaan met zichzelf zijn, omdat ze zich in zouden gaan beelden dat ze volledig verlicht waren en (verder) niets van Jehovah nodig hadden.

Treurig genoeg lijkt die houding karakteristiek te zijn geworden voor het gehele Wachttorengenootschap, in ieder geval op bepaalde gebieden. We denken onszelf in dat we leven in een geestelijk paradijs en we beroemen ons op het beoefenen van ware aanbidding en op het spreken van een zuivere taal van zuivere waarheid. We denken onszelf in dat God zijn huis tientallen jaren geleden geoordeeld heeft en nu voldaan is met alles wat we doen en zeggen, omdat we zijn "zuivere volk" zijn. Zeggen we hiermee niet tegen Christus: 'We zijn geestelijk rijk en hebben niets meer nodig'?

In het 12de hoofdstuk van Lukas spreekt Jezus uitgebreid over de noodzaak voor zijn kudde op wacht te blijven staan. Christus vermaande hen door te zeggen:

"Houdt uw lendenen omgord en uw lampen brandend, en weest als mensen die op hun meester wachten wanneer hij van de bruiloft terugkeert, om hem, als hij aankomt en klopt, terstond te kunnen opendoen." (Lukas 12:35, 36)

Christus legt vervolgens uit dat zijn aankomst stilletjes zou zijn, als een dief in de nacht die op een uur komt waarop zijn dicipelen "het niet waarschijnlijk achtten". Degenen echter die hij daadwerkelijk klaar en wachtend vindt, beloont Jezus, nadat hij hen heeft gestraft voor hun tekortkomingen, met de aanstelling over al zijn bezittingen.

Maar wat werkelijk een tekortkoming is als gevolg van het ontbreken van waar onderscheidingsvermogen, is dat Jezus nog niet is gekomen als een dief in de nacht. Als gevolg daarvan heeft hij ook zijn huisgezin van gezalfde dienaren nog niet geoordeeld en degenen weggezonden die hij oordeelt als ontrouw. Wat is anders het nut van op wacht blijven staan?

Ironisch genoeg is één belemmering voor onze eigen waakzaamheid de gevestigde leerstelling van de Wachttoren dat Jezus al aangekomen is in zijn tegenwoordigheid en zijn dienaren reeds heeft beloond. De leerstelling van de Wachttoren verbindt Christus' tegenwoordigheid en oordeel van zijn huisgezin aan de periode van 1914-1919. Zodoende zijn grote gedeelten van Jehovah's oordelen en rechterlijke beslissingen ontkracht doordat ze zijn toegepast op het verleden, terwijl ze ongetwijfeld hun vervulling krijgen in de nabije toekomst.

In Lukas 12:37 zegt Jezus bijvoorbeeld:

"Gelukkig zijn de slaven die de meester bij zijn aankomst wakend vindt! Voorwaar, ik zeg u: Hij zal zich omgorden en hen aan tafel doen aanliggen en zal langskomen en hen bedienen." Van speciaal belang is de uitdrukking waar Jezus zegt dat hij "zal langskomen en hen bedienen".

Het Griekse woord parousia, dat terecht wordt vertaald met "tegenwoordigheid," betekent letterlijk "naast komen". Nogmaals, is Jezus gekomen als een dief in de nacht? Nee, dat is hij niet. Daar dit zo is, kan hij ook nog niet "naast" zijn getrouwe gezalfden "gekomen" zijn. Dat betekent dat Jezus' tegenwoordigheid naast zijn uitverkorenen niet begonnen is in de herfst van 1914, noch sinds enige tijd sindsdien, omdat onze lange waakzaamheid dan geëindigd zou zijn (Zie het essay: Was 1914 het Einde van de Tijden der Heidenen?)

Dit betekent uiteindelijk dat de interpretatie van de profetie door de getrouwe slaaf dat Christus' tegenwoordigheid reeds plaats heeft gevonden in 1914 voor ons als strik kan werken. Terwijl het Wachttorengenootschap Jehovah's Getuigen aan de ene kant een rijk geestelijk erfgoed heeft gegeven en een stevig leerstellig fundament voor ons heeft gelegd, heeft het ons ook opgezadeld met diverse onpraktische interpretaties van profetieën.

En terwijl het Wachttorengenootschap zijn best heeft gedaan ons geestelijk alert te houden en vol verwachting te blijven, lijkt het steeds duidelijker te worden dat wanneer Christus uiteindelijk komt, dit waarschijnlijk zal vereisen dat we een aardig gedeelte van wat we tegenwoordig als absolute waarheid bezien, terzijde zullen moeten schuiven. Maar is dit ook niet precies wat de apostelen genoodzaakt waren te doen toen Jezus, in tegenstelling tot hun verwachting, werd vermoord en terugkeerde naar zijn Vader in de hemel?

De ware zalving komt ten slotte niet door middel van een menselijke organisatie of instantie. Christus is niet verplicht enig aardse organisatie te gebruiken om zijn plotselinge aankomst en tegenwoordigheid, welke gelijk een dief zal zijn, aan te kondigen.

Wat dus in het verschiet ligt is de onverwachte aankomst van Christus, wanneer hij komt om Gods huis van gezalfden te inspecteren. Wat een geloofstest wacht alle Jehovah's Getuigen! Geen wonder dat Petrus, wanneer hij voorzegt dat het oordeel bij het huis van God begint, verder zegt:

"Als het nu eerst bij ons begint, wat zal dan het einde zijn van hen die het goede nieuws van God niet gehoorzaam zijn? En indien de rechtvaardige met moeite wordt gered, waar zal dan de goddeloze en de zondaar verschijnen?" (1 Petrus 4:17)

De lezer zal zich waarschijnlijk afvragen: 'Maar wat dan te zeggen over de tekenen van Christus' tegenwoordigheid en de chronologie van de tijden der Heidenen en meer van dat?' Dat zijn onderwerpen die zullen worden besproken. Maar vooruitlopend daarop, in het licht van de situatie waarin de wereld na 9-11 verkeert, is het niet uitgesloten dat "natie tegen natie zal opstaan" op een schaal die beide wereldoorlogen zal doen verbleken.

Daarom, beste lezer, als gevolg van het duidelijke gevaar wat de wereld te wachten staat – een ongelooflijk gevaar dat uiteindelijk kan uitmonden in een nachtmerrie-scenario door het op grote schaal gebruiken van massavernietigingswapens – en in het licht van het geestelijke gevaar waarin we onszelf gebracht hebben door in de fictie te geloven dat Christus' tegenwoordigheid al begonnen is, wordt het hopenlijk duidelijk dat er een behoefte bestaat aan als het ware een stem in de wildernis; een wachter wiens stem buiten het instituut van de Wachttoren bestaat.

Essay van eWatchman © 2004
Nederlandse vertaling: Ezra Swols

Pfeil nach oben


Download

PDF-Symbol zum Downloaden des Textes "Introductie eWatchman NL" (84 KB)